Omgevingslicht
Een constante basisverlichting op elk oppervlak, die het indirecte licht nabootst dat een scène anders zou missen.
De eenvoudigste term in de belichtingsvergelijking: een vaste kleur die overal wordt opgeteld, ongeacht hoek of afstand, zodat schaduwzijden niet pikzwart worden. Het is een grove benadering van globaal indirect licht — één getal in plaats van echte weerkaatsingen — en ziet er juist daarom vlak uit.
Vroege realtime-engines hadden niets anders: een scène kreeg een ambient-niveau en moest het daarmee doen. De vlakke constante werd later vervangen door richtingsafhankelijke varianten — ambient cubes, spherical harmonics, lichtprobes — en uiteindelijk door echte globale illuminatie en ambient occlusion, die donkerder maakt waar oppervlakken elkaar raken. Gewoon constant omgevingslicht overleeft als goedkope terugvaloptie.