Kansas City-standaard
Een poging uit 1975 om computerprogramma's als geluid op gewone cassettebandjes op te slaan met één fabrikantonafhankelijke codering.
De achtergrond was chaos: elke vroege homecomputer sloeg op cassette op zijn eigen, onverenigbare manier op. Op een symposium in Kansas City in november 1975, georganiseerd rond het tijdschrift BYTE, kwam een groep tot overeenstemming over een formaat. Bits werden als tonen gecodeerd met frequentieverschuiving (FSK) — een nul als vier perioden van 1200 Hz, een één als acht perioden van 2400 Hz — dezelfde basistrucje als bij een modem.
De snelheid was 300 baud, oftewel ijzig langzaam. Het sloeg aan bij onder meer Ohio Scientific, maar de grote namen (Commodore, TRS-80) gingen toch hun eigen, snellere weg. Een monument voor de tijd dat je opslagmedium een cassettebandje van twee gulden uit de supermarkt was.