Divider/square-rooter (ENIAC)
Eén kast deed zowel delen als worteltrekken, en beide door steeds opnieuw af te trekken tot er geen ruimte meer was.
Anders dan bij de vermenigvuldiger viel er geen tabel te raadplegen. De eenheid deelde door op te schuiven en herhaald af te trekken (aftrekken, tellen hoe vaak het past, een plaats opschuiven, herhalen) en trok wortels op dezelfde machinerie met de oude waarneming dat de som van de eerste n oneven getallen gelijk is aan n². Zelfde harmonica, andere volgorde. Net als de vermenigvuldiger had hij geen eigen geheugen en legde hij gedurende de bewerking beslag op vier accumulatoren.
De prijs zag je op de klok. Een deling kon tot 143 optelperioden duren, iets meer dan 28 milliseconden: zo’n honderdveertig optellingen, oftewel tien vermenigvuldigingen. Het gevolg was een programmeercultuur die deling bewust meed: constanten werden vooraf geschaald en alles wat als vermenigvuldiging met een reciproque te schrijven viel, werd ook zo geschreven. Precies de reflex die later gameprogrammeurs op jacht stuurde naar reciproquen in plaats van de FPU te laten delen.