Alpha blending
Een doorschijnende pixel over wat al in het beeld staat leggen, gewogen naar zijn alfawaarde.
De formule is out = src·α + dst·(1−α): de "over"-operator, in 1984 geformaliseerd door Thomas Porter en Tom Duff. Zo gaan glas, rook, zachte UI-overgangen en anti-aliased silhouetten op in de achtergrond. Het blenden gebeurt in de blendfase aan het eind van de pipeline, nadat het fragment is geshade, en leest wat er al in de framebuffer staat.
De adder onder het gras is de volgorde. Blending is niet commutatief en de z-buffer kan meerdere transparante oppervlakken achter elkaar niet oplossen: er wordt maar één diepte per pixel opgeslagen. Transparante objecten moeten dus na de ondoorzichtige worden getekend en van achter naar voren worden gesorteerd. Wie het sorteren wil vermijden, grijpt naar alpha testing (een harde uitsnede) of order-independent transparency.