IT-lexicon › Infrastructuur › Vensterattributen (X11)

Vensterattributen (X11)

Infrastructuur Svenska → Bijgewerkt: 2026-10-11

De vijftien instellingen per venster die de X-server bijhoudt — achtergrond, rand, gebeurtenismasker, cursor, kleurenkaart en nog wat — en die een client selectief wijzigt via een bitmasker.

Een X-venster is meer dan een rechthoek. Bij XCreateWindow, en later via het verzoek ChangeWindowAttributes, geeft de client een XSetWindowAttributes-struct mee met een masker zoals CWBackPixel | CWEventMask; alleen velden waarvan de bit is gezet worden gelezen. Daar staan de achtergrondkleur of -pixmap, de randkleur, bit- en venstergravity, backing store, save-under, override-redirect, het gebeurtenismasker, het do-not-propagate-masker, de kleurenkaart en de cursor.

De achtergrond kent twee bijzondere waarden met een lange geschiedenis. None betekent dat de server niets schildert, zodat wat eronder zat zichtbaar blijft tot het programma tekent — de bron van menig spookbeeld bij het vergroten of verkleinen. ParentRelative leent de achtergrond van de ouder en is de basis waarop pseudotransparantie werd gebouwd. De attributen teruglezen met XGetWindowAttributes kost een round trip.

← Terug naar het lexicon