strace
Toont elke systeemaanroep van een programma, met argumenten en returnwaarden. Beantwoordt "welk configbestand leest het nu écht?" in tien seconden in plaats van een uur broncode lezen.
Het bouwt op ptrace, dezelfde kernelinterface die debuggers gebruiken. Handige varianten: strace -f volgt kindprocessen, -p PID koppelt aan een al draaiend programma, -e trace=openat,stat filtert de ruis, -c vat de tijd per aanroep samen en -o bestand slaat de uitvoer op. Klassieke toepassingen: het ontbrekende bestand achter een foutmelding "no such file" vinden, zien met welke socket een programma verbinding maakt, of uitzoeken waar het vastloopt. De overhead is aanzienlijk — bij elke aanroep stopt het proces — dus het is geen productiegereedschap. Equivalenten: ltrace voor bibliotheekaanroepen, dtruss op macOS.