Solitaire-cijfer
Een stroomcijfer dat met een gewoon kaartspel wordt uitgevoerd, ontworpen door Bruce Schneier voor Neal Stephensons roman Cryptonomicon.
De gedachte was een cijfer voor mensen die niets verdachts bij zich kunnen dragen: een kaartspel met twee jokers wekt aan de grens geen argwaan. De volgorde van de kaarten is de sleutel. Door de jokers te verplaatsen, het spel in drieën te couperen en af te tellen ontstaat telkens één getal, dat modulo 26 bij de klare tekst wordt opgeteld. Dat is hetzelfde principe als bij Vigenère, maar met een sleutelstroom die voorlopig niet repeteert. In de roman uit 1999 heet het algoritme Pontifex.
Latere analyse, met name van Paul Crowley, toonde aan dat de uitvoer niet gelijkmatig verdeeld is, zodat het cijfer bij lange berichten informatie lekt. Bovendien is het traag: tien minuten voor een kort bericht is realistisch, en één verkeerd geteld kaartje verpest alles wat erna komt.