Initialisatievector
De niet-geheime beginwaarde die ervoor zorgt dat hetzelfde bericht twee keer achter elkaar tot verschillende cijfertekst versleuteld wordt.
Een initialisatievector wordt samen met de sleutel ingevoerd en hoeft niet geheim te blijven — meestal wordt hij onversleuteld vóór de cijfertekst meegestuurd. Zonder zou versleuteling deterministisch zijn en kon een aanvaller zien wanneer hetzelfde bericht opnieuw werd verzonden.
De eisen verschillen per modus, en daar gaat het mis. CBC vereist dat de vector onvoorspelbaar is: kan de aanvaller de volgende IV raden, dan zijn vermoedens over de platte tekst te controleren. CTR en GCM eisen alleen dat hij uniek is, maar daar is hergebruik rampzalig — in GCM lekt een herhaalde nonce de authenticatiesleutel zelf. De 24-bits IV van WEP is het schoolvoorbeeld van wat er gebeurt als de ruimte op is.