IT-lexicon › Beveiliging › Ideal-cipher-model

Ideal-cipher-model

Beveiliging Svenska → Bijgewerkt: 2026-10-14

Een bewijsmodel waarin het blokcijfer voor elke sleutel wordt behandeld als een onafhankelijke willekeurige permutatie die in beide richtingen bevraagd kan worden.

Het komt van pas wanneer een constructie een blokcijfer gebruikt op een manier die de PRP-aanname niet dekt, vooral als de aanvaller de sleutel mag kiezen. Hashconstructies als Davies–Meyer voeren het bericht in als sleutel, en Black, Rogaway en Shrimpton bewezen in 2002 dat ze precies in dit model veilig zijn. Coron, Patarin en Seurin lieten in 2008 zien dat het model in wezen even sterk is als het random-oracle-model; een gat in dat bewijs werd in 2011 gedicht met veertien Feistel-rondes.

De adder onder het gras is dezelfde als bij random oracles: geen enkel echt cijfer is ideaal. AES-256 kent related-key-aanvallen die bij gewone versleuteling onschuldig zijn, maar relevant worden zodra iemand er een hashfunctie van bouwt. Het bewijs klopt; de aanname niet altijd.

← Terug naar het lexicon