Flashgeheugen
Niet-vluchtig geheugen dat zijn gegevens zonder stroom behoudt: de basis van ssd’s, usb-sticks, sd-kaarten en opslag in smartphones.
Uitgevonden door Fujio Masuoka bij Toshiba omstreeks 1980. Twee hoofdtypen: NOR (snellere willekeurige toegang, gebruikt voor bootloaders en firmware) en NAND (compacter, goedkoper, voor alle bulkopslag). NAND-cellen worden ingedeeld naar bits per cel: SLC (1, snelst, duurst, langste levensduur), MLC (2), TLC (3, de standaard), QLC (4, goedkoop, kortere levensduur) en PLC (5, experimenteel). Slijt na een eindig aantal schrijfcycli; wear levelling spreidt die slijtage.