Dongle
Een fysieke sleutel die in de computer moest zitten om het programma te laten starten: de hardwarevariant van kopieerbeveiliging.
Een dongle zat in de parallelle poort, de seriële poort of later de USB-poort, en de beveiligde software weigerde te draaien zolang de chip daar niet antwoordde. Het idee was simpel: een bestand valt te kopiëren, een stukje hardware niet. Dure professionele software – cad, muziekstudio's, industriële besturing – hield nog lang aan het model vast nadat het voor consumenten onpraktisch was geworden.
De scene reageerde zoals altijd. Waar een nibbler of X-Copy beveiligde disks aanpakte, schreven crackers 'dongle-emulators' of haalden ze de controle gewoon uit de code, net zoals een keygen dat met serienummers deed. Wat overbleef was de ergernis van de rechtmatige klanten die hun sleutel kwijtraakten en zonder de betaalde software kwamen te zitten.